Leren van en met elkaar

Leren van en met elkaar
4 augustus 2018 Academ

Waarom blikken we terug op de eerste levensjaren?

Als klein kind ontdek je de wereld om je heen vanaf het moment dat je als baby op aarde komt. Die ontdekkingen gaan met vallen en opstaan. En hoe fijn is het dat dat gebeurt in de wetenschap dat je ouder(s) daar zijn om je letterlijk op te vangen. Geen 1 ouder kan dit waar maken om er iedere keer te zijn als je valt of brokken maakt.

Op het moment dat je ervaart als klein hummeltje en nog zeer weerloos mensenkind dat je er dan (even) alleen voor staat neem, je een dappere beslissing dat je het ook alleen kunt. Zo adorabel maar zo nog niet mogelijk. Hier start het wapenen tegen nieuw verdriet of beter gezegd tegen weer schrikken dat de back up er niet is.

Het kan zomaar zijn dat je moeder staat te koken, afzuigkap aan en niet in de gaten heeft dat jij op de bank bent geklommen en er weer af wilt. Erop ging zonder problemen maar eraf is toch wel erg hoog. Je kunt nog geen hoogte en gevaar inschatten dus valt pardoes op je hoofdje op de grond en dat doet zeer. Je brult en dan nog duurt het even voordat mama daar is.

Die paar seconden ervaar je als kleintje als een eeuwigheid en daar bevestig je de al eerder gemaakte overtuiging dat je het alleen moet doen. Als dat nog een aantal keer gebeurt wordt dat een stellige aanname.

“Ik moet het alleen doen.”

“Er is niemand voor mij.”

“Ik word niet gezien, ik ben niet belangrijk.”

“Men houdt niet van mij, ik zit in de weg.”

“Ik ben niet leuk genoeg.”

Dat dit niet de werkelijkheid is dat kun je als kleintje niet weten. En wat nog vervelender is, sommige van deze overtuigingen leef je nog, ook nu je volwassen bent.

Hoe loopt het door in de volwassenheid?

Stel je nu eens voor dat je een relatie hebt. Of als je die hebt stel je eens in de positie van die partner.

Hij of zij wil dan iets voor je doen, iets voor je betekenen, je verrassen, je steunen. Of wat dan ook waaruit zijn/haar liefde blijkt. En jij hebt nog steeds diezelfde oude overtuiging en die leef je ook “dat je alles alleen moet doen”.

Je partner kan dan niets goed doen want of je hebt het zelf al gedaan of geregeld. Hij/zij is te laat of je beseft niet dat je hulp of steun nodig hebt. Je hebt immers niet geleerd dat leunen bestaat of dat je ook hulp kunt vragen.

En hoe mooi is het, dat je op eender welk moment kan leren deze overtuigingen te veranderen. Zodat ze jou ten goede komen en jij meer kracht ervaart in je leven.

Comments (0)

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*